Kinderen en schermtijd: waar moet je als ouder op letten?
- Leonie
- 01 april 202601 apr 2026
- Bekeken: 14
Schermtijd is niet meer weg te denken uit het leven van kinderen. Tablets, telefoons en tv: ze horen erbij. Maar voor ogen die nog volop in ontwikkeling zijn, is te veel schermtijd niet zonder gevolgen. Wat doen schermen met de ogen van je kind, hoeveel schermtijd is oké en waar moet je als ouder op letten? Wij doken erin.
Niet alleen wij, maar ook onze kinderen zitten tegenwoordig veel meer achter een scherm. Twintig jaar geleden waren tablets en sociale media nauwelijks aanwezig in ons dagelijks leven. Inmiddels kunnen we bijna niet meer zonder. En dat is niet per se slecht. Maar als de schermtijd hoog oploopt, zijn er wel degelijk gevolgen voor de ogen. Hoeveel schermtijd oké is voor kinderen, komt later aan bod. Eerst duiken we in wat schermgebruik met de ogen doet en welke klachten teveel schermgebruik kan geven.
We beginnen meteen met een belangrijk risico: bijziendheid, ook wel myopie genoemd. Langdurig dichtbij focussen zorgt voor extra druk op de oogspieren. Dit wordt gelinkt aan de ontwikkeling én verergering van myopie. Hier gaan we straks uitgebreider op in.
Als we naar een scherm kijken, zijn we zo gefocust dat ons knipperreflex wordt onderdrukt. Normaal knipperen we zo’n 15 tot 20 keer per minuut. Kijken we langere tijd naar een scherm dan zakt dat naar 5 tot 7 keer! Knipperen is belangrijk omdat het de traanfilm over het oogoppervlak verspreidt. Die traanfilm houdt het oog gehydrateerd en beschermd. Knippert je kind te weinig, dan droogt het oogoppervlak uit. Het gevolg: branderige, rode of vermoeide ogen.
Lange tijd gefixeerd naar hetzelfde punt kijken vermoeit de oogspieren. Daar komt bij dat schermen licht afgeven, flikkeren en reflecteren, heel anders dan een boek of tijdschrift. Het is een beetje te vergelijken met langdurig in een lamp staren. Dit kan leiden tot computerogen: een verzamelnaam voor klachten zoals een branderig gevoel, hoofdpijn en wazig zicht.
Er is lange tijd veel te doen geweest over blauw licht. Blauw licht is een vorm van zichtbaar licht dat niet alleen door schermen, maar ook door de zon wordt uitgestraald. Of blauw licht direct schadelijk is voor de ogen, is genuanceerder dan vaak gedacht. Wat wél duidelijk is: blauw licht onderdrukt de aanmaak van melatonine, het hormoon dat je slaap-waakritme regelt. Zeker bij langdurig schermgebruik (meer dan twee uur) in de avond kan dit het inslapen bemoeilijken. En dat geldt extra voor kinderen, die een gevoeliger bioritme hebben.
We noemden het al even: myopie, de medische term voor bijziendheid. En de cijfers zijn opvallend. Inmiddels is bijna een kwart van alle 13-jarigen in Nederland bijziend en dat loopt naar verwachting op tot bijna de helft op jongvolwassen leeftijd. Het oogfonds spreekt zelfs van een heuse epidemie van bijziendheid onder kinderen.
Hoewel erfelijkheid zeker een rol speelt, zijn oogdeskundigen het erover eens dat leefstijl steeds bepalender wordt. Als beide ouders myopie hebben, is de kans dat een kind het ook ontwikkelt vijf keer zo groot. Maar schermtijd en weinig buitenspelen zijn belangrijke risicofactoren. Langdurig dichtbij focussen zorgt ervoor dat de oogbol zich aanpast en te lang wordt, waardoor het beeld vóór het netvlies valt in plaats van erop. Het resultaat: voorwerpen op afstand worden wazig.
Daglicht speelt hierbij ook een rol. Kinderen die meer dan twee uur per dag buiten zijn, blijken minder ernstige bijziendheid te ontwikkelen. Wie veel schermtijd heeft, speelt doorgaans minder buiten. Een dubbel nadeel voor de ogen dus.
Vroeg signaleren is belangrijk. Myopie begint meestal tussen de leeftijd van 6 en 12 jaar en neemt geleidelijk toe doordat het oog groeit. Hoe eerder het wordt ontdekt, hoe meer er gedaan kan worden om de progressie af te remmen.
Wetende dat schermtijd niet zonder risico is, is het fijn om een richtlijn te hebben, maar ook dat schermtijd op zich niet per se slecht is. Zo zijn er ook positieve effecten: actief schermgebruik kan probleemoplossend denken, hand-oogcoördinatie en cognitieve ontwikkeling stimuleren. Dat is heel wat anders dan passief video’s kijken zonder inhoud.
Dat gezegd hebbende, blijft het goed om de schermtijd te monitoren. De Rijksoverheid geeft de volgende richtlijnen per leeftijdsgroep:
Overigens is niet alle schermtijd gelijkwaardig. Tv kijken op voldoende afstand — denk aan meer dan 1,5 meter — is voor de ogen een stuk minder belastend dan turen op een telefoon of tablet die je vlakbij houdt. Daarbij is het ook goed om te beseffen dat de richtlijnen gaan over schermtijd thuis. Want ook op school zijn schermen inmiddels niet meer weg te denken. Digiborden, tablets en laptops zijn op veel scholen de gewoonste zaak van de wereld. De schermtijd van je kind loopt dus al op nog voor ze thuiskomen. Reden te meer om thuis bewust met schermtijd om te gaan.
Naast de hoeveelheid schermtijd is het ook belangrijk om te letten op het moment van gebruik. Schermgebruik vlak voor het slapengaan is extra belastend. Het felle licht onderdrukt de aanmaak van melatonine, waardoor kinderen moeilijker in slaap vallen en minder goed uitrusten. Een goede vuistregel: geen schermen meer in het laatste uur voor bedtijd.
Er zijn diverse signalen die kunnen wijzen op oogklachten. Let bijvoorbeeld op rode of tranende ogen, veel in de ogen wrijven, of klachten over hoofdpijn en vermoeidheid na schermgebruik. Ook als je kind aangeeft dat letters wiebelen of wazig zijn, is dat een duidelijk teken dat de ogen extra aandacht verdienen.
Soms zijn de signalen wat subtieler. Denk aan een kind dat de telefoon of het boek steeds dichterbij houdt, of dat knijpt met de ogen om scherper te zien. Of een kind dat minder goed presteert op school omdat het bord of het digibord niet goed te zien is — iets wat kinderen zelf lang niet altijd benoemen.
Herken je een of meer van deze signalen? Laat de ogen van je kind dan controleren door de huisarts of een opticien. Vroeg ingrijpen maakt een groot verschil, zeker als er sprake is van myopie die nog verder kan verergeren tijdens de groeijaren.
Genoeg theorie. Want wat kun je als ouder nu concreet doen?
Een handige vuistregel is de 20-20-2-regel: na 20 minuten dichtbij kijken, of dat nu een scherm of een boek is, even 20 seconden in de verte kijken. En zorg voor minimaal 2 uur buitenspelen per dag. Die 20 seconden hoeven echt niet ingewikkeld te zijn. Even de naam van je kind roepen zodat ze opkijken is al genoeg.
Buiten zijn is niet alleen goed voor beweging, maar ook essentieel voor de oogontwikkeling. Daglicht stimuleert de aanmaak van dopamine in het oog, wat de groei van de oogbol remt en zo de ontwikkeling van myopie kan vertragen. Twee uur buiten per dag is dan ook geen overbodige luxe.
Hoe dichterbij een scherm, hoe harder de ogen moeten werken. Leg de tablet liever op tafel dan dat je kind hem in de hand houdt. En zorg dat het scherm op ooghoogte staat, niet te laag en niet te hoog.
Laat de ogen van je kind regelmatig controleren, ook als er geen duidelijke klachten zijn. Kinderen merken zelf vaak niet dat ze minder goed zien. Een opticien of oogarts kan vroegtijdig signaleren of er iets aan de hand is.
Schermen in de slaapkamer zijn bevordelijk voor een goede nachtrust. Haal ze weg en vervang eventueel de wekker-app gewoon door een ouderwetse analoge wekker.
Overweeg om je kind een speciale smartwatch voor kinderen of een simpele telefoon te geven waarmee hij of zij wel bereikbaar is, maar geen toegang heeft tot social media of video’s. Zo blijft je kind bereikbaar zonder dat de schermtijd ongemerkt oploopt. Gebruik schermen bij voorkeur in een gezamenlijke ruimte, zodat je als ouder makkelijk een oogje in het zeil kunt houden.
Schermen zijn niet per se de vijand. Ze bieden kansen, kunnen verbinden en bijdragen aan de ontwikkeling van je kind. Maar juist omdat de ogen van kinderen nog volop groeien, is het goed om schermtijd te monitoren en duidelijke afspraken te maken.
En wees daarin niet te streng voor jezelf. Opvoeden is al uitdagend genoeg. Je hoeft het niet perfect te doen. Proberen, bijsturen, fouten maken en weer doorgaan. Soms is even ontspannen voor de tv gewoon precies wat iedereen nodig heeft. Het gaat uiteindelijk om het vinden van de juiste balans.
Merk je toch signalen die je zorgen baren? Aarzel dan niet om langs te gaan bij de huisarts of opticien. Vroeg signaleren maakt echt het verschil.