Wat doet medicatie met je ogen?
- Leonie
- 14 mei 202614 mei 2026
- Bekeken: 19
Heb je medicatie voorgeschreven gekregen en heb je ineens last van je ogen? Dat komt helaas vaker voor dan je denkt, ook als de medicatie helemaal niet bedoeld is voor je ogen. Hoe kan het dat voorgeschreven medicijnen toch bijwerkingen hebben die je ogen beïnvloeden? Wij zochten het voor je uit en maakten een overzicht van veelgebruikte medicijnen die effect kunnen hebben op je ogen.
Als je een medicijn voorgeschreven krijgt, verwacht je dat het zijn werk doet op de plek waar het voor bedoeld is. Maar zoals je weet hebben bijna alle medicijnen bijwerkingen. Zo zijn er ook bijwerkingen die specifiek je ogen kunnen beïnvloeden. Dit geldt niet alleen voor medicijnen die je slikt. Ook crèmes of zalven die je op je gezicht of oogleden aanbrengt kunnen via de huid of slijmvliezen je ogen bereiken. Zo kan een medicijn dat bijvoorbeeld bedoeld is voor je huid of je luchtwegen toch invloed hebben op je ogen.
Kort gezegd zijn er vier routes waarlangs medicijnen bij je ogen terecht kunnen komen:
De meeste medicijnen die je slikt komen in je bloedbaan terecht en worden zo door je hele lichaam vervoerd. Ook al is een medicijn specifiek bedoeld om alleen te werken op een bepaalde plek, dan nog kunnen de werkzame stoffen op andere plekken terechtkomen. Je ogen hebben gevoelige weefsels zoals het bindvlies, de traanklieren en de klieren van Meibom, die allemaal kunnen reageren op stoffen die bijvoorbeeld via je bloed binnenkomen. Dat kan zich op verschillende manieren uiten, van droge ogen tot irritatie of wazig zicht.
Slijmvliezen zijn er van nature op gebouwd om stoffen op te nemen en daarop te reageren, dat is precies hun functie. Neussprays, inhalatoren of zuigtabletten komen direct in contact met de slijmvliezen in je neus en keel. Die stoffen worden daar opgenomen en verspreiden zich verder door je lichaam. Het bindvlies van je oog is ook een slijmvlies en reageert dus net zo goed op dezelfde stoffen. Dat kan zich uiten in roodheid, irritatie of zwelling.
Sommige medicijnen hebben een zogenaamde anticholinerge werking. Dat betekent dat ze zenuwsignalen van je hersenen naar je lichaam gedeeltelijk blokkeren. Ze remmen een deel van je zenuwstelsel dat automatische lichaamsprocessen aanstuurt, zoals je spijsvertering, je hartslag, maar ook je traanproductie en de reactie van je pupillen. Krijgt dat deel van je zenuwstelsel minder signalen door de medicatie, dan maakt je lichaam ook minder tranen aan.
Ook hormonale medicijnen hebben invloed op je ogen. Niet zozeer op de hoeveelheid tranen, maar wel op de samenstelling van het traanvocht. Die samenstelling bepaalt hoe goed je traanfilm op je oog blijft zitten. Veranderen hormonen die samenstelling, dan wordt de traanfilm minder stabiel en beschermt hij je oog minder goed. Het resultaat: ogen die droog aanvoelen, ook al maak je genoeg traanvocht aan.
We hebben een handig overzicht gemaakt van veelgebruikte medicijnen die klachten aan je ogen kunnen veroorzaken. Merk je dat je last krijgt van je ogen sinds je met een medicijn bent gestart? Bespreek het dan altijd met je huisarts of apotheker. Hier een lijst met medicijnen en de mogelijke bijwerkingen voor je ogen:
Heb je last van hooikoorts of een andere allergie? Dan zijn antihistaminica waarschijnlijk bekend terrein. Bij hooikoorts zorgt de allergie zelf voor tranende, geïrriteerde ogen. Antihistaminica vallen onder de eerder genoemde medicijnen met anticholinerge werking. Ze dempen de allergische reactie, wat verlichting geeft. Maar dezelfde medicatie kan ook je traanproductie verminderen, waardoor je ogen juist droog kunnen worden. Bij andere allergieën, waarbij tranende ogen minder op de voorgrond staan, merk je dat effect sneller. Draag je lenzen tijdens het hooikoortsseizoen? Lees dan ook onze tips over hooikoorts en lenzen.
Antidepressiva en antipsychotica werken in op je hersenen en je zenuwstelsel. Ze vallen ook onder de eerder genoemde anticholinerge werking, wat betekent dat ze zenuwsignalen gedeeltelijk blokkeren. Ook de signalen die je traanproductie aansturen. Daardoor kunnen je ogen droger worden. Maar dat is niet het enige wat je kunt merken. Sommige mensen ervaren wazig zicht doordat de medicatie invloed heeft op de spieren die je ooglens scherpstellen. Ook lichtgevoeligheid komt voor, omdat antidepressiva en antipsychotica de pupilreactie kunnen beïnvloeden.
Bètablokkers worden veel voorgeschreven bij hoge bloeddruk en hartproblemen. Ze vertragen je hartslag en verlagen je bloeddruk, maar hebben ook invloed op andere processen in je lichaam. Zo kunnen ze de traanproductie verminderen, wat droge ogen veroorzaakt. Sommige mensen ervaren daarnaast wazig zicht, doordat bètablokkers de doorbloeding van de oogzenuwen kunnen beïnvloeden. Gek genoeg worden bètablokkers ook verwerkt in oogdruppels, maar dan juist als behandeling voor glaucoom om de oogdruk te verlagen.
Zoals eerder beschreven hebben hormonen invloed op de samenstelling van je traanvocht. De anticonceptiepil en hormoontherapie beïnvloeden je hormoonhuishouding, waardoor de kwaliteit van het traanvocht minder kan worden.
Een gezonde traanfilm bestaat uit meerdere lagen, waaronder een vetlaagje dat verdamping tegengaat. Als de samenstelling verandert, werkt die bescherming minder goed. Dus het vocht is er wel, maar het blijft minder goed zitten. Het resultaat is alsnog droge, vermoeide ogen.
Bij acne kunnen diverse medicijnen worden voorgeschreven, waaronder antibiotica en middelen als isotretinoïne. Vooral dat laatste heeft veel invloed op je ogen. Hoewel antibiotica je ogen gevoeliger kunnen maken voor licht, remmen middelen als isotretinoïne de talgproductie. Ze hebben namelijk invloed op talgklieren, zoals de klieren van Meibom, die zich langs de rand van je oogleden bevinden. Deze klieren zorgen voor het vetlaagje in je traanfilm. Wanneer ze minder goed functioneren door de medicatie, wordt de traanfilm minder stabiel en blijven je ogen minder goed gehydrateerd. Wil je meer weten over de invloed van acne-medicatie op je ogen? Lees dan ons artikel overbijwerkingen van acne-medicijnen.
Corticosteroïden worden voorgeschreven bij allerlei ontstekingen, van reuma tot astma. Ze zijn effectief, maar bij langdurig gebruik kunnen ze de oogdruk verhogen. Dat klinkt misschien onschuldig, maar een verhoogde oogdruk is een bekende risicofactor voor glaucoom, een aandoening waarbij de oogzenuw beschadigd kan raken. Daarnaast kan langdurig gebruik van corticosteroïden leiden tot een grauwe staar, waarbij de ooglens troebel wordt en je zicht geleidelijk achteruit gaat. Dit zijn bijwerkingen die vaak sluipend ontstaan, dus merk je dat je zicht verandert terwijl je corticosteroïden gebruikt, neem dat dan serieus en bespreek het met je arts.
Diuretica worden voorgeschreven om overtollig vocht uit je lichaam af te voeren, bijvoorbeeld bij hoge bloeddruk of hartproblemen. Maar je lichaam maakt geen onderscheid tussen overtollig vocht en het vocht dat bijvoorbeeld je ogen nodig hebben. Diuretica kunnen daardoor ook de vochtbalans in je ogen beïnvloeden, wat kan leiden tot droge ogen en irritatie.
Chemotherapie kan de oogzenuw beschadigen en de traanproductie verminderen, wat leidt tot droge of branderige ogen. Gebruik je lenzen tijdens een chemokuur, bespreek dit dan altijd met je behandelend arts. Je ogen zijn in deze periode extra kwetsbaar.
Draag je lenzen, dan weet je: lenzen zitten het fijnst als je ogen goed gehydrateerd zijn. Slik of smeer je medicijnen die invloed hebben op de traan- of talgproductie, dan is de kans aanwezig dat je ogen droger aanvoelen of minder goed gehydrateerd zijn. Het gevolg: lenzen die aan je ogen lijken te plakken, wazig zicht en ogen die sneller geïrriteerd raken. Ervaar je normaal gesproken geen klachten en ben je recentelijk met een van de bovenstaande medicijnen gestart? Dan kan de medicatie wel eens de oorzaak zijn. Bespreek het met je huisarts of apotheker en doe je voordeel met onze aanvullende tips hieronder.
Heb je last van je ogen sinds je met een medicijn bent gestart? Soms is het enige dat je kunt doen een alternatief medicijn gebruiken of de dosis aanpassen om klachten te verminderen. Gaat het om een medicijn dat je chronisch moet gebruiken, dan is het goed om dit bespreekbaar te maken met je arts of apotheker.
Er zijn daarnaast een aantal dingen die je zelf kunt doen om de klachten te verlichten.
En een extra tip voor lenzendragers die langere tijd een medicijn met bijwerkingen moeten gebruiken: